Clarithromycine Uno EG 500Mg Filmomh 20X500Mg
Op voorschrift
Geneesmiddel

Clarithromycine Uno EG 500Mg Filmomh 20X500Mg

  € 26,50

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 8,69 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 8,69 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Niet beschikbaar

Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik De arts dient geen clarihromycine voor te schrijven aan zwangere vrouwen zonder een zorgvuldige afweging van de voor- en nadelen, vooral gedurende de eerste drie maanden van de zwangerschap (zie rubriek 4.6). Voorzichtigheid wordt geadviseerd bij patiënten met ernstige nierinsufficiëntie (zie rubriek 4.2). Clarithromycine wordt hoofdzakelijk door de lever uitgescheiden. Daarom is voorzichtigheid geboden bij gebruik van dit antibioticum bij patiënten met een verminderde leverfunctie. Voorzichtigheid is ook geboden bij gebruik van clarithromycine bij patiënten met een matige tot ernstige nierfunctiestoornis (zie ook rubriek 4.3). Er zijn gevallen van fataal leverfalen gemeld (zie rubriek 4.8). Sommige patiënten kunnen eerder een leveraandoening hebben gehad of andere hepatotoxische geneesmiddelen hebben gebruikt. Patiënten moet worden aangeraden met de behandeling te stoppen en hun arts te raadplegen als er tekenen en symptomen van een leverziekte ontstaan zoals anorexie, geelzucht, donkere urine, pruritus of een gevoelige buik. Pseudomembraneuze colitis is gemeld bij bijna alle antibacteriële middelen, inclusief macroliden, en kan in ernst variëren van licht tot levensbedreigend. Door Clostridium difficile veroorzaakte diarree (CDAD) is gemeld bij gebruik van bijna alle antibacteriële middelen, inclusief clarithromycine, en deze kan in ernst variëren van lichte diarree tot fatale colitis. De behandeling met antibacteriële middelen verandert de normale darmflora, die kan leiden tot overmatige groei van C. difficile. Bij alle patiënten die diarree melden na gebruik van antibiotica dient rekening gehouden te worden met CDAD. Een zorgvuldige anamnese is noodzakelijk, aangezien meer dan twee maanden na de toediening van antibacteriële middelen nog CDAD is gemeld. Daarom dient staken van de clarithromycinebehandeling te worden overwogen, ongeacht de indicatie. Er dient een microbiële test te worden gedaan en met een adequate behandeling te worden begonnen. Geneesmiddelen die de peristaltiek remmen moeten vermeden worden. Nadat het middel in de handel werd gebracht, werd colchicinetoxiciteit gemeld na gelijktijdig gebruik van clarithromycine en colchicine, vooral bij de ouderen, soms bij patiënten met nierinsufficiëntie. Bij enkele van deze patiënten werd overlijden gemeld (zie rubriek 4.5). Gelijktijdige toediening van clarithromycine en colchicine is gecontra-indiceerd (zie rubriek 4.3). Voorzichtigheid is geboden bij gelijktijdige toediening van clarithromycine en triazolobenzodiazepines zoals triazolam en midazolam (zie rubriek 4.5). Voorzichtigheid is geboden bij gelijktijdige toediening van clarithromycine met andere ototoxische geneesmiddelen, vooral met aminoglycosiden. Tijdens en na de behandeling dient de vestibulaire en gehoorfunctie te worden gecontroleerd Cardiovasculaire voorvallen Verlenging van de cardiale repolarisatie en het QT-interval met daaruit voortvloeiend een risico op de ontwikkeling van hartaritmie en torsade de pointes, werd waargenomen bij de behandeling met macroliden waaronder clarithromycine (zie rubriek 4.8). Aangezien de volgende situaties kunnen leiden tot een verhoogd risico op ventriculaire aritmieën (waaronder torsade de pointes), dient clarithromycine daarom met voorzichtigheid te worden gebruikt bij de volgende patiënten:  Patiënten met een kransslagaderaandoening, ernstige cardiale insufficiëntie, geleidingsstoornissen of klinisch relevante bradycardie.  Patiënten met elektrolytstoornissen. Clarithromycine mag niet aan patiënten met hypokaliëmie gegeven worden (zie rubriek 4.3).  Patiënten die tegelijk andere geneesmiddelen die het QT-interval verlengen, nemen (zie rubriek 4.5).  Gelijktijdige toediening van clarithromycine met astemizol, cisapride, pimozide en terfenadine is gecontra-indiceerd (zie rubriek 4.3).  Clarithromycine mag niet worden gebruikt bij patiënten met congenitale of bewezen en verworven QT-verlenging of met een voorgeschiedenis van ventriculaire aritmie (zie rubriek 4.3). Epidemiologische onderzoeken naar het risico op ongewenste cardiovasculaire uitkomsten met macroliden hebben variabele resultaten opgeleverd. Enkele observationele onderzoeken hebben een zeldzaam kortetermijnrisico op aritmie, myocardinfarct en cardiovasculaire sterfte in verband met macroliden waaronder claritromycine vastgesteld. Bij het voorschrijven van claritromycine moet rekening worden gehouden met deze bevindingen en moet dit worden afgezet tegen de voordelen van behandeling. Pneumonie: In verband met de toenemende resistentie van Streptococcus pneumoniae voor macroliden is het belangrijk dat de gevoeligheid wordt getest wanneer clarithromycine wordt voorgeschreven voor buiten het ziekenhuis opgelopen pneumonie. Bij in het ziekenhuis opgelopen pneumonie dient clarithromycine te worden gebruikt in combinatie met andere passende antibiotica. Lichte tot matig ernstige infecties van de huid en weke delen: Deze infecties worden meestal veroorzaakt door Staphylococcus aureus en Streptococcus pyogenes, die beide resistent kunnen zijn tegen macroliden. Daarom is het belangrijk de gevoeligheid te testen. In gevallen waarin bètalactam- antibiotica niet gebruikt kunnen worden (bijv. allergie), kunnen andere antibiotica, zoals clindamycine, de eerste keuze van geneesmiddelen zijn. Momenteel lijken macroliden alleen een rol te spelen bij bepaalde infecties van huid en weke delen, zoals infecties die worden veroorzaakt door Corynebacterium minutissimum, acne vulgaris en erysipelas, en in situaties waarin geen penicilline kan worden gebruikt. Bij ernstige acute overgevoeligheidsreacties, zoals anafylaxie, ernstige cutane bijwerkingen (SCAR) (bijv. acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose (AGEP), Stevens-Johnsonsyndroom,toxische epidermale necrolyse en geneesmiddeluitslag met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS)) , dient de behandeling met clarithromycine onmiddellijk te worden gestaakt en moet meteen met een adequate behandeling worden begonnen. Clarithromycine dient met voorzichtigheid te worden gebruikt bij gelijktijdige toediening van geneesmiddelen die het CYP3A4-enzym remmen (zie rubriek 4.5). HMG-CoA reductaseremmers (statines): Gelijktijdig gebruik van clarithromycine met lovastatine of simvastatine is gecontra-indiceerd (zie rubriek 4.3). Voorzichtigheid is geboden bij het voorschrijven van clarithromycine samen met andere statines. Rabdomyolyse werd gemeld bij patiënten die clarithromycine en statines innamen. Patiënten moeten gecontroleerd worden op tekenen en symptomen van myopathie. In situaties waarin gelijktijdig gebruik van clarithromycine en statines niet vermeden kan worden, wordt aanbevolen de laagste geregistreerde dosis van het statine voor te

Infecties

  • Acute verergering van chronische bronchitis
  • Milde tot matige pneumonie opgelopen buiten het ziekenhuis
  • Acute bacteriële sinusitis (adequaat gediagnosticeerd)
  • Bacteriële faryngitis
  • Lichte tot matig ernstige infecties van de huid en weke delen
  • De werkzame stof is clarithromycinecitraat. Elk filmomhulde tablet met verlengde afgifte bevat 500 mg clarithromycine.
  • De andere stoffen zijn:

  • Tabletkern: Lactosemonohydraat - Hydroxypropylmethylcellulose (E464) -Hydroxypropylmethylcelluloseftalaat - Magnesiumstearaat (E572) - Talk (E553b). - Filmomhulling: Hypromellose 15cP (HPMC 2910)(E464) - Lactosemonohydraat - Chinolinegeel Aluminiumlak (E104) - Titaniumdioxide (E171) - Macrogol/PEG 4000 - Macrogol/PEG 400 - Talk(E553b).

U mag Clarithromycine UNO EG niet innemen als u één van de geneesmiddelen inneemt die in bovenstaande rubriek "Wanneer mag u Clarithromycine UNO EG niet gebruiken?" staan.

Informeer uw arts als u één van de volgende geneesmiddelen inneemt aangezien uw dosis misschien gewijzigd moet worden of u regelmatig tests zal moeten ondergaan.

 Insuline of andere antidiabetica (zoals tolbutamide, gliclazide, glibenclamide, nateglinide, repaglinide)

 Digoxine, kinidine of disopyramide (geneesmiddelen voor het hart)

 Warfarine of een andere bloedverdunner zoals dabigatran, rivaroxaban, apixaban, edoxaban (Met deze medicijnen hebt u minder kans op stolsels in uw bloed.)

 Atorvastatine, rosuvastatine (HMG-CoA-reductaseremmers, vaak bekend als statines en gebruikt om cholesterolgehaltes (een soort vet) in het bloed te verlagen)

 Carbamazepine, valproaat, fenytoïne of fenobarbital (middelen tegen epilepsie)

 Theofylline (helpt bij het ademen)

 Triazolam, alprazolam of midazolam (kalmerende middelen)

 Omeprazol, aprepitant (voor maagproblemen)

 Zidovudine, efavirenz, nevirapine, ritonavir, atazanavir, saquinavir, etravirine (antivirale geneesmiddelen gebruikt bij de behandeling van HIV)

 Rifabutine (een antibioticum doeltreffend tegen enkele infecties)

 Rifampicine, rifapentine (om tuberculose te behandelen)

 Alle bètalactamantibiotica

 Streptomycine of gentamicine (aminoglycoside antibiotica)

 Itraconazol, fluconazol (antischimmelmiddelen)

 Sildenafil, tadalafil of vardenafil (voor de behandeling van erectieproblemen)

 Tolterodine (middel tegen de symptomen van een overactieve blaas)

 Methylprednisolon (een corticosteroïd tegen ontstekingen)

 Vinblastine (een chemotherapeutisch middel voor de behandeling van kanker)

 Ziprasidon of quetiapine (antipsychotica)

 Eletriptan (voor migraine)

 Halofantrine (voor de behandeling van malaria)

 Cilostazol (voor de verbetering van de doorbloeding in de benen)

 Tacrolimus, sirolimus of ciclosporine (middelen tegen de afstoting van transplantaten)

 Sint-Janskruid (kruidenmiddel tegen depressie)

 Verapamil, amlodipine, diltiazem (gebruikt om hoge bloeddruk en onregelmatige hartslag te behandelen).

4.8 Bijwerkingen a. Samenvatting van het veiligheidsprofiel De meest frequente en meest voorkomende bijwerkingen van de behandeling met clarithromycine bij zowel volwassenen als kinderen zijn buikpijn, diarree, misselijkheid, braken en veranderde smaak. Deze bijwerkingen zijn meestal licht van aard, en zijn consistent met het bekende veiligheidsprofiel van macrolide antibiotica (zie rubriek b van rubriek 4.8). Er was geen significant verschil in incidentie van deze gastro-intestinale bijwerkingen tijdens de klinische onderzoeken tussen patiënten met en zonder reeds bestaande mycobacteriële infecties. b. Tabel van de samenvatting van de bijwerkingen Onderstaande tabel geeft een overzicht van bijwerkingen die zijn gemeld in klinische onderzoeken en verkregen uit post-marketing ervaring met clarithromycine tabletten met verlengde afgifte. De bijwerkingen waarvan overwogen is dat ze op zijn minst gerelateerd zijn aan clarithromycine, zijn gerangschikt naar systeem/orgaanklasse en frequentie gebruikmakend van de volgende conventie: zeer vaak (≥1/10), vaak (≥ 1/100 tot < 1/10), soms (≥1/1,000 tot < 1/100) en niet bekend (bijwerkingen van post-marketing ervaring; kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald). Binnen iedere frequentiegroep zijn de bijwerkingen gerangschikt naar afnemende ernst, indien de ernst vastgesteld kon worden. Infecties en parasitaire aandoeningen Soms: Gastro-enteritis, candidiasis, vaginale infectie Niet bekend: Pseudomembraneuze colitis, erysipelas Bloed- en lymfestelselaandoeningen Soms: Leukopenie Niet bekend: Agranulocytose, trombocytopenie Immuunsysteemaandoeningen5

Soms: Overgevoeligheid Niet bekend: Anafylactische reactie, angio-oedeem Voedings- en stofwisselingsstoornissen Soms: Anorexia, verminderde eetlust Psychische stoornissen Vaak: Slapeloosheid Soms: Angst, nervositeit

Niet bekend: Psychose, verwardheid, depersonalisatie, depressie, desoriëntatie, hallucinatie, abnormale dromen, manie Zenuwstelselaandoeningen Vaak: Dysgeusie, hoofdpijn, smaakverandering Soms: Duizeligheid, tremor, slaperigheid6 Niet bekend: Convulsies, ageusie, parosmie, anosmie, paresthesie Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen Soms: Verminderd gehoor, tinnitus, vertigo Niet bekend: Doofheid Hartaandoeningen Soms: Hartstilstand, atriumfibrillatie, QT-verlenging op het elektrocardiogram7 , extrasystolen, palpitaties Niet bekend: Torsade de pointes7 , ventriculaire tachycardie7 , ventriculaire fibrillatie Bloedvataandoeningen Niet bekend: Hemorragie Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen Soms: Epistaxis Maagdarmstelselaandoeningen Vaak: Abdominale pijn, diarree9 , dyspepsie, misselijkheid, braken Soms: Constipatie, droge mond, eructatie, flatulentie, stomatitis, glossitis, gastro�oesofageale refluxziekte, gastritis, proctalgie Niet bekend: Acute pancreatitis, verkleuring van de tong, verkleuring van de tanden Lever- en galaandoeningen Vaak: Abnormale leverfunctietesten Soms: Verhoogd alanine-aminotransferase, verhoogd aspartaat-aminotransferase Niet bekend: Leverfalen10, hepatocellulaire geelzucht Huid- en onderhuidaandoeningen Vaak: Rash, hyperhidrose Soms: Pruritus, urticaria Niet bekend: Stevens-johnsonsyndroom5 , toxische epidermale necrolyse5 , geneesmiddelenuitslag met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS), acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose (AGEP), acne Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen Soms: Myalgie Niet bekend: Rabdomyolyse11, myopathie Nier- en urinewegaandoeningen Niet bekend: Nierfalen, interstitiële nefritis Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen Soms: Asthenie Onderzoeken Niet bekend: Verhoogde INR8 , verlengde protrombinetijd8 , abnormale kleur van de urine 5,7,9,10 Zie rubriek a. 6,8,11 Zie rubriek c.

c. Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen Bij sommige meldingen van rabdomyolyse werd clarithromycine gelijktijdig toegediend met statines, fibraten, colchicine of allopurinol (zie rubrieken 4.3 en 4.4). Er zijn postmarketingmeldingen geweest van geneesmiddelinteracties en effecten op het centrale zenuwstelsel (CZS) (bijv. slaperigheid en verwarring) bij gelijktijdig gebruik van clarithromycine en triazolam. Het wordt aanbevolen patiënten regelmatig te controleren op een toename van de farmacologische effecten op het CZS (zie rubriek 4.5). Er zijn zeldzame gevallen gemeld van clarithromycine tabletten met verlengde afgifte in de ontlasting, waarvan vele zich voordeden bij patiënten met anatomische (waaronder ileostomie of colostomie) of functionele maag- en darmstelselaandoeningen met een verkorte gastro-intestinale transittijd. Bij verschillende meldingen kwamen de tabletresiduen voor in samenhang met diarree. Er wordt aanbevolen dat patiënten die tabletresiduen terugvinden in hun ontlasting en bij wie geen verbetering van de toestand wordt vastgesteld, worden overgeschakeld op een andere formulering van clarithromycine (bijv. suspensie) of een ander antibioticum. Bijzondere populatie: Bijwerkingen bij immunogecompromitteerde patiënten (zie rubriek e). d. Pediatrische patiënten Er is klinisch onderzoek gedaan met een pediatrische suspensie van clarithromycine bij kinderen van 6 maanden tot 12 jaar. Daarom moeten kinderen jonger dan 12 jaar de pediatrische suspensie van clarithromycine gebruiken. Er zijn onvoldoende gegevens om een doseringsregime aan te bevelen voor het gebruik van de iv-formuleringen van clarithromycine bij patiënten jonger dan 18 jaar. Verwacht wordt dat de frequentie, het type en de ernst van de bijwerkingen bij kinderen dezelfde zijn als bij volwassenen. e. Andere speciale patiëntengroepen Immunogecompromitteerde patiënten Bij patiënten met AIDS en andere immunogecompromitteerde patiënten die gedurende een lange tijd werden behandeld met de hogere doseringen van clarithromycine voor mycobacteriële infecties was het vaak moeilijk een onderscheid te maken tussen bijwerkingen die mogelijk verband hielden met de toediening van clarithromycine enerzijds en onderliggende tekenen van HIV of bijkomende ziekte anderzijds. Bij volwassen patiënten waren de meest gemelde bijwerkingen van clarithromycine met een totale dosering van 1000 mg en 2000 mg: misselijkheid, braken, smaakverandering, buikpijn, diarree, rash, flatulentie, hoofdpijn, obstipatie, gehoorstoornis, verhoging van serum-glutamaatoxaalacetaat�transaminase (SGOT) en serum-glutamaat-pyruvaat-transaminase (SGPT). Dyspneu, slapeloosheid en droge mond kwamen ook voor, in een lage frequentie. De incidenties waren vergelijkbaar voor patiënten die 1000 mg en 2000 mg kregen, maar kwamen doorgaans ongeveer 3 tot 4 maal vaker voor bij patiënten die een totale dosering van 4000 mg clarithromycine kregen. Bij deze immunogecompromitteerde patiënten werden de laboratoriumwaarden geëvalueerd door analyse van de waarden buiten het ernstig afwijkende niveau (d.w.z. de extreem hoge of lage grens) voor de specifieke test. Op basis van deze criteria had ongeveer 2 % tot 3 % van de patiënten die per dag 1000 mg of 2000 mg clarithromycine kregen last van ernstig abnormale verhoogde spiegels van SGOT en SGPT, en abnormaal lage hoeveelheden witte bloedcellen en bloedplaatjes. Een lager percentage patiënten in deze twee doseringsgroepen had ook een verhoogde bloedureumstikstofspiegel. Een iets hogere incidentie van abnormale waarden werd aangetroffen bij patiënten die 4000 mg per dag kregen; dit gold voor alle parameters behalve het aantal witte bloedcellen. Melding van vermoedelijke bijwerkingen Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico's van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via: België: Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) – Afdeling Vigilantie – Postbus 97 – B-1000 Brussel Madou of via de website: www.eenbijwerkingmelden.be. Luxemburg: Centre Régional de Pharmacovigilance de Nancy Bâtiment de Biologie Moléculaire et de Biopathologie (BBB) CHRU de Nancy – Hôpitaux de Brabois Rue du Morvan 54511 Vandoeuvre Les Nancy Cedex Tel.: (+33) 3 83 65 60 85 / 87 E-mail: crpv@chru-nancy.fr of Direction de la Santé Division de la Pharmacie et des Médicaments 20, rue de Bitbourg L-1273 Luxembourg-Hamm Tel.: (+352) 2478 5592 E-mail: pharmacovigilance@ms.etat.lu Website: https://guichet.public.lu/fr/entreprises/sectoriel/sante/medecins/notification-effets�indesirables-medicaments.html

Wanneer mag u Clarithromycine UNO EG niet gebruiken?

 U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.

 U bent allergisch voor andere macrolide antibiotica zoals erythromycine of azithromycine.

 U neemt ergotamine of dihydro-ergotamine tabletten of gebruikt ergotamine-inhalatie tegen migraine.

 U gebruikt terfenadine of astemizol (wordt genomen voor de behandeling van hooikoorts of allergieën), cisapride (tegen brandend maagzuur) of pimozide (een middel tegen ziektes die uw manier van denken en voelen en uw gedrag beïnvloeden). Het gebruik van deze geneesmiddelen met clarithromycine kan soms ernstige verstoring van het hartritme veroorzaken. Neem contact op met uw arts voor advies over alternatieve geneesmiddelen.

 U neemt andere geneesmiddelen waarvan men weet dat ze ernstige stoornissen van het hartritme veroorzaken

 U neemt colchicines (meestal tegen jicht) omdat dit ernstige bijwerkingen kan veroorzaken.

 U neemt ticagrelor, ivabradine of ranolazine (voor angina of om de kans op een hartaanval of beroerte te verminderen)

 U neemt lovastatine of simvastatine (bepaalde geneesmiddelen ter verlaging van uw cholesterol)

 U gebruikt een medicijn dat lomitapide bevat

 U heeft ernstige nierproblemen. Neem contact op met uw arts voordat u dit geneesmiddel gebruikt. Uw arts kan een andere vorm van clarithromycine voorschrijven.

 Als u gekende hartproblemen heeft, neem contact op met uw arts voordat u dit geneesmiddel gebruikt.

Zwangerschap De veiligheid van het gebruik van claritromycine tijdens de zwangerschap is niet vastgesteld. Afgaande op variabele resultaten verkregen via onderzoeken met dieren, en ervaring met mensen kan de mogelijkheid van negatieve effecten op de embryofoetale ontwikkeling niet worden uitgesloten. Sommige observationele onderzoeken die de blootstelling aan claritromycine tijdens het eerste en tweede trimester evalueren, hebben een verhoogd risico op een miskraam gerapporteerd in vergelijking met geen antibioticagebruik of ander antibioticagebruik tijdens dezelfde periode. De beschikbare epidemiologische onderzoeken over het risico op grote aangeboren afwijkingen bij gebruik van macroliden, waaronder claritromycine, tijdens de zwangerschap leveren tegenstrijdige resultaten op. Daarom wordt het gebruik tijdens een zwangerschap niet geadviseerd zonder de voordelen zorgvuldig af te wegen tegen de risico's. Borstvoeding De veiligheid van het gebruik van clarithromycine tijdens de borstvoeding werd niet vastgesteld. Clarithromycine wordt uitgescheiden in de moedermelk in kleine hoeveelheden. Er wordt geschat dat een zuigeling die uitsluitend borstvoeding krijgt ongeveer 1,7% van de dosis claritromycine binnen zou krijgen, aangepast aan het gewicht van de moeder.

Volwassenen en kinderen > 12 j en > 30 kg

  • Gebruikelijke dosering: 1 tablet /dag
  • Ernstige infecties: 2 tabletten /dag, in 1 inname

Toedieningswijze

CNK 2885994
Organisaties Eurogenerics (EG) Generics & Consumer
Merken Eurogenerics (EG)
Breedte 67 mm
Lengte 74 mm
Diepte 50 mm
Hoeveelheid verpakking 20
Actieve ingrediënten clarithromycine citraat
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)